Follow by Email

dinsdag 22 mei 2012

WANDERBACH page 16


When he gets in as far that he can’t see the meadow anymore he believes to see three female shapes in the smoke. Surrounded by trees, murmur of leaves and tweeting birds high in the crowns, lights the smoke again between the trunks and scans whispering his name.
Suddenly the forest becomes thinner. The trees further apart and far in the front dusks again a green plain that looks alike as where they come from. Did he walk with a bow through the wood?
As soon as he steps from between the trees the shades disappear and suddenly it is dead silence. No leaf moves, no bird sings and now the dogs react as well and lay down as on command, the tail folded under their but, the ears flat backwards.
Tork is immediately alert and overlooks carefully the land in front of them. He can’t see the river but the meadow looks the same: fresh green grass, the same grouped trees full of fruit. Further down some bumps as artificial molehills in the perfect smooth lawn.
He stand remains undecided. Thanks to the behavior of the dogs he now is convinced that there is something strange going on. But except that behavior there is nothing that points to any danger and even the situation is alarming in itself, there is no vigilance in the dogs’ body language. They seem absolute submissive, by all means, or is it bare unadulterated fear?
Tork cowers in the grass and flatters them reassuring about the rugged head. They look at him, wag their tails but stay flat on their belly, ears in neck.
- ‘What’s the matter guys? What are you trying to say?’
They answer softly yelping and Tork looks around. The only place where danger can come from is the hilly bumps. The meadow too flat and the grouped bushes and trees too open to hide. If there is any danger, something he doesn’t believe in spite of the dogs, he wants to face it and he erects, taps both hands on his thighs to lure them and walks carefully in the direction of the low hills which rise from the green closely together in an irregular circle. 

Inmiddels meent hij in de rook drie vrouwengestalten te onderscheiden en hij is al zo ver doorgedrongen dat wanneer hij achterom kijkt hij de groene weide niet meer ziet. Omringd door bomen, geruis van bladeren en vogelgekwetter hoog in de kruinen, en tussen de stammen licht de rook weer op en scandeert fluisterend zijn naam.
Plotseling wordt het bos dunner. De bomen staan verder vaneen en in de verte schimmert opnieuw een groene vlakte die gelijk lijkt aan waar hij vandaan kwam. Zou hij met een boog door het woud zijn gelopen?
Zodra hij tussen de bomen vandaan stapt verdwijnen de schimmen en opeens is het doodstil. Geen blad beweegt, geen vogel te horen en nu reageren ook de honden die als op commando gaan liggen, de staart onder de kont gevouwen, oren plat naar achteren.
Tork is onmiddellijk alert en neemt behoedzaam het voor hen liggende landschap op. De rivier is hier niet te zien al lijkt de weide verder onveranderd. Hetzelfde frisgroene gras. Dezelfde groepjes bomen beladen met fruit. Verderop enkele heuvels als kunstmatige molshopen in het lakengladde gazon.
Hij blijft besluiteloos staan. Dankzij het gedrag van de honden er nu wél van overtuigd dat er iets vreemds aan de hand is. Maar behalve hun gedrag is er niets dat op gevaar wijst en al is dat op zichzelf alarmerend, het is geen waakzaamheid die hun lichaamstaal verraadt. Ze gedragen zich verdomme ronduit onderdanig, of is het naakte onversneden angst?
Tork hurkt in het gras en streelt geruststellend de ruige koppen. Ze kijken hem aan, kwispelen maar blijven plat op hun buik, oren in de nek.
- ‘Wat is er jongens? Wat proberen jullie te vertellen?’
Een zacht gejank als antwoord en Tork kijkt om zich heen. De enige plaats waar gevaar vandaan kan komen zijn de heuvels. De weide te vlak en de groepjes struiken en bomen te open om te verbergen. Als er gevaar dreigt, waar hij ondanks de honden niet in gelooft, wil hij weten waaruit het bestaat en hij richt zich op, klopt met beide handen tegen de dijen om hen mee te lokken en loopt behoedzaam in de richting van de lage heuvels die dicht bijeen in een onregelmatige kring uit het groen verrijzen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten