Follow by Email

dinsdag 11 april 2017

POEM: dutch-english

Pad kronkelt steil langs de diepe afgrond
waarin haarfijn groeit met dikke zwarte knoppen
zwellend van plezier zo gevaarlijk op de rand
van neerstorten en te pletter duiken
in woest kolkend water

Op de dag dat bommen overvliegen
met papieren vleugels wijzen kinderen
naar donker vuur dat spuugt en blaast in hun gezicht
geschroeid door zonnebrand met factor veel
en veel teveel dat nog te weinig is

Zo kort op de bal zwart rollend over de paden
draaft de hond onwetend erachteraan
en struikelt met zijn snuit in het vossenhol
waar geen weg terug is voor zijn parasieten
die jammerend brullen van het lachen

Om zoveel onbenul in het graven van andermans kuilen
verloren, perdu, godnondeju
maar dat wist je al, of dacht het te weten tenminste
terwijl het vuur de aarde raakte
precies daar waar je stond. Nog geen tijd om te beven

Leefde je maar eens en nooit weer
Dag brood, dag Paas en Kerst vaarwel
laat de kansel maar lullen uit nekken
van warm gehouden zitjes 
stinkend pluche van eigenwaan en maximaal vertier

Wuiven de varens je koelte toe
Tjilpt de vogel dat je weg moet wezen
de rust moet preken in het overlangs
zo dwars als je altijd was en bent geweest
verweest in een vat vol mensen

Blaast de kat zijn laatste deuntje
fluit de tierelier en haakt de winde
op alle winden mee en draait vanuit het ruim
dat steeds nauwer wordt ommuurd
ingesloten prikkeldraad versperd waar je ooit nog was




Path meanders steeply along the deep abyss 
in which smooth fine grows with thick black buttons 
swelling of pleasure so dangerous on the verge 
of crashing and dying on diving 
in the fierce swirling water
On the day that bombs fly over 
with paper wings see children 
the dark fire that spits and blows in their faces 
scorched by Sun cream factor much 
much too much and still too little
The track of the ball black rolling over the paths 
chased by the dog still ignorant 
and stumbles with its muzzle into the foxhole 
where there is no way back for its parasites 
that whining roar of laughter

So much ignoramus in digging other people's pits
lost, perdu, god damn it
but you already knew, or thought so at least 
while the fire hits the Earth 
exactly where you stood. Not even time to tremble

You only live once and never again 
Goodbye bread, goodbye Easter and Christmas farewell 
let the pulpit nonsense from his mouths 
of warm kept seats 
smelly plush of self-conceit and maximum pleasure

Waving the ferns coolness to you 
Chirps the bird that you have to leave 
preaching to vanish in longitudinally 
contra dictionary as you’ve ever been and was 
referred in a barrel full of people

The cat blows his last tune 
whistles the tingeling and hooks the charm 
on every wind that turns from the hold 
ever more closely surrounded 
embedded barbed wire barred where you ones was


Geen opmerkingen:

Een reactie posten